Van solitair naar solidair

Volgens René Gude, voormalig Denker des Vaderlands, zijn we de taal verleerd om te spreken over gemeenschappelijke doelen, belangen en verantwoordelijkheden. Willen wij de solidariteit in onze samenleving versterken dan zou het al helpen ons iets bewuster te worden van de taal die wij nu gebruiken.

Hoe doen we dat?

We organiseren dagen, middagen, avonden over woorden die ons belemmeren echt met elkaar te praten over de zin van ons dagelijks werk, ons dagelijks leven. Dat doen we met docenten, bestuurders, verplegers, bankiers, managers, schooldirecteuren, scholieren, studenten, hulpverleners en andere kompanen die zich aanmelden omdat ze op zoek zijn naar heldere taal waarmee ze weer met elkaar in gesprek kunnen raken.

We gaan op deze bijeenkomsten uit van actuele casussen uit de dagelijkse praktijk waarin economische taal richtingbepalend is. Bijvoorbeeld: wat gebeurt er als we over onze samenleving spreken als de BV Nederland? Betekent flexibel voor een werkgever hetzelfde als voor een werknemer? Wat meten we als alleen meten weten is? Kunnen we nadenken over gezag in het onderwijs, waardoor de docent zich gezien voelt? En de facilitymanager in de zorg, maakt die het de verpleger makkelijker of juist niet? Zie voor meer voorbeelden de columns die Trouw-journalist Peter Henk Steenhuis over het onderwerp schreef: column.

Achtergrond

Jij gaat solliciteren. Met de directeur van je aanstaande bedrijf voer je een gesprek over de noodzakelijke flexibiliteit en productiviteit. Thuisgekomen krijg je de vraag: “En?” Jij antwoordt: “Nou ik weet het nog niet, ik ben bang dat ze verwachten dat ik me ook in het weekeinde de pleuris ga werken.” Thuis gebruik je andere taal dan op het werk. Volgens voormalig Denker des Vaderlands, René Gude, gebruiken we taal in vier verschillende sferen: thuis klets je met familie en vrienden; op het werk draagt je meerdere je in woorden op wat te doen om het beste resultaat te behalen; in de publieke ruimte overleggen we hoe we respectvol met elkaar kunnen omgaan, en in de politiek debatteren we over te nemen maatregelen. De vier sferen duidt Gude aan met vier P’s: Privé, Privaat, Publiek en Politiek.

Ons onderwijs zorgt ervoor dat we verschillende taalregisters ontwikkelen, zodat we ons in die vier sferen goed kunnen handhaven.

Welkom in Bubbelonië stelt dat de taal uit de economische sfeer, de private sector, territoriumdrift heeft gekregen, zijn invloed uitbreidt naar ons dagelijks leven, maar ook de openbare ruimte en de politiek bepaalt.

Mariette Hamer, voorzitter van de SER, zei op een bijeenkomst over inclusieve HRM dat we “op zoek moeten naar een nieuwe taal”. Die nieuwe taal zou nodig zijn, omdat onze huidige taal een financiële taal aan het worden is die de solidariteit ondermijnt. Wij denken dat het niet nodig is een nieuwe taal te ontwikkelen. Dat kan ook niet. De oplossing is simpeler: word je bewust van de woorden die je gebruikt.

Voorbeeld

Een arts beklaagde zich onlangs publiekelijk over de assertieve burgers die hij in zijn spreekkamer krijgt. ‘Ze weten al wat ze hebben en willen van alles van mij. Nee, niet willen, eisen.’ Dat komt, zei hij: ‘Doordat wij onze patiënten cliënten zijn gaan noemen.’ Een patiënt, zo legde hij uit, was iemand die medische hulp nodig heeft, maar zijn lijden wel geduldig droeg. "Denk aan het Engelse patience, dat geduld betekent." Een patiënt komt bij de professional in de hoop op genezing. Cliënt heeft met klant te maken, en die klant is een koning die zelf kan kiezen waar hij zijn zorg wil inkopen. De arts: "Waarom zou die klant geduldig moeten zijn?" Het woord ‘cliënt’ is typisch zo’n woord uit de economische sfeer, dat territoriumdrift heeft gekregen, want het heeft zich nu ook genesteld in de gezondheidszorg, nog altijd behorend tot de publieke sfeer. En in de gezondheidssfeer verspreidt het woord ‘cliënt’ zijn private, economische kenmerken, waardoor het volgens deze arts 'logisch’ is dat de patiënt een assertieve, calculerende burger is geworden.

De overgang van patiënt naar cliënt betekent meer dan de keuze voor een ander woordje. Gude stelde dat wij afgelopen decennia van solidair naar solitair zijn gegaan. Willen wij de solidariteit in onze samenleving versterken dan zou het al helpen ons iets bewuster te worden van de taal die wij nu gebruiken.

Wat voor patiënt en cliënt geldt, geldt ook voor: flexibel, waardering, beloning, doel, missie, visie, efficiënt, effectief, vrijheid, strategie, autonoom, vitaal, autoriteit, respect, integriteit, authenticiteit, betrokkenheid, afrekenen, verantwoorden. Deze woorden, en talloze andere, hebben een financiële connotatie gekregen. Wie deze woorden zo gebruikt, zit in een economische bubbel - vandaar de titel van ons project.

Zin om uit je bubbel te komen? Doe mee met Welkom in Bubbelonië!

Willen wij van solitair naar solidair gaan dan zullen we onze taal moeten bevrijden van haar financiële ketens. Daarna kunnen de grenzen van onze werelden zich pas weer openstellen, en wij uit onze bubbels tevoorschijn komen.

Welkom in Bubbelonië is een driejarig project, geïnitieerd door journalist Peter Henk Steenhuis en Stichting SBI, i.s.m. ROC Friese poort, Verus, Vereniging voor katholiek en christelijk onderwijs, Reliëf, christelijke vereniging van zorgaanbieders, Campus Landgoed Zonheuvel, Instituut Gak en HKU. Ook partner worden? Klik hier voor meer informatie.